Beng! Daar knalt de kamerdeur in het slot. Stampende voeten op de trap. Boven slaat nog een deur dicht. En dan is er weer rust. Tenminste, oppervlakkig gezien. Van binnen broeit er nog van alles. Bij je kind, maar ook bij jou.
En alles leek nog wel zo goed te gaan. Jullie zaten gezellig aan tafel, of je kind speelde met zijn broertje en de gedachte ‘Wauw, dít is wat ik me bij een gezin had voorgesteld’ had zich nog niet eens helemaal in je hoofd gevormd toen de lont ineens in het kruitvat gestoken werd. Jij zei iets wat verkeerd opgevat werd, of je jongste gaf je oudste schijnbaar vanuit het niets een pets (of andersom). En voor je het weet, is de hele boel ontspoord en blijf je met de (spreekwoordelijke) brokstukken over. Je hart zit voor je gevoel nog in je keel, je jongste zet het op een brullen en je oudste spurt al grommend en schreeuwend de kamer uit. Voor de zoveelste keer deze week, of vandaag…
Wandelende vulkanen in huis
Als ouder van een zeer/uitzonderlijk hoogbegaafd kind (IQ145+) kan het maar zo gebeuren: je ziet je blije, vrolijke kind veranderen in een onredelijke vuurspuwende draak vanaf het moment dat hij naar school gaat, of ergens in de maanden na de eerste schooldag. En voor je het weet, ben je jaren aan het dimdammen, discussiëren, ruziën of vechten of speel je voor je gevoel continu voor politieagent of vredestichter. Eerst gaat het nog goed in de weekenden, later heb je alleen nog de vakanties om min of meer op adem te komen. De rest van de tijd loop je gevoelsmatig op eieren. Altijd on edge: wanneer barst jullie wandelende vulkaan uit?
Je probeert van alles: emotieregulatie-oefeningen (voor je kind én voor jezelf, want heb jij ooit geleerd om echt op een gezonde manier met je emoties om te gaan?), meer naar buiten (altijd goed), gesprekken op school (kan er iets anders/beter gedaan worden?), leuke bezigheden en hobby’s buiten school om (zodat je kind daar zijn ei in kwijt kan), meer rust, reinheid en regelmaat (in combinatie met je kinds extreem sterke hang naar autonomie..). Maar niets lijkt te helpen.
De conclusie die je dan trekt
En dus moet het wel aan jou liggen. Toch? Ben jij te gestresst? Te ongeduldig? Ben je toch een slechte ouder, die heel de tijd aan het proberen is zich voor te doen als een goede ouder, maar daar tóch telkens weer jammerlijk in faalt? Ik heb de afgelopen jaren veel ouders gesproken die dit stiekem zijn gaan geloven over zichzelf. Sterker nog, ik ben zelf zo’n ouder.
Als je vaak te horen krijgt (soms onuitgesproken, maar je voelt het toch!) dat je het gewoon op een andere manier aan moet pakken, meer afstand moet nemen, je niet zo druk moet maken, of gewoon een beetje consequenter moet zijn, dan ga je vanzelf denken dat de oorzaak dus waarschijnlijk inderdaad bij die persoon die een significante rol speelt in deze hele situatie: jijzelf.
Natuurlijk is het altijd goed om bij jezelf na te gaan: wat is mijn rol in het gedrag dat ik in mijn gezin zie? Dat lijkt me alleen maar gezond en maakt je een betere ouder. En ja, je zult vast enige mate van stress en ongeduld laten zien, dus ga daar zeker mee aan de slag als je dat bij jezelf constateert. Maar je mag er ook vanuit gaan: het ligt niet alleen aan jou.
Een externe omgeving die niet (helemaal) passend is bij wat jouw kind nodig heeft, kan ervoor zorgen dat de boel intern in je gezin ontspoord. En dan kan jij jezelf nog zo zen proberen te krijgen en alles goed proberen te doen, maar dat helpt niets. Je wordt er vooral heel erg moe van.
Doorbreek het patroon bij jezelf
Een standaard oplossing is er helaas niet, voor elk IQ145+ kind zijn andere dingen nodig. Je moet dus bij elk kind in je gezin kijken: wat werkt wel, wat werkt niet. Soms kan je met kleine aanpassingen op school of thuis al een eind komen. Soms zullen rigoureuzere beslissingen genomen moeten worden. Maar wat je sowieso mag doen: stoppen met aan jezelf twijfelen. Dat neemt in ieder geval gelijk een stuk onrust weg. En natuurlijk gaat dat niet van de ene op de andere dag. Maar ga eens bij jezelf na hoe vaak je jezelf in gedachten de grond in sabelt. Je schrikt waarschijnlijk van hoe hard je tegen jezelf bent.
Wat kan je daaraan doen? Er zijn gelukkig opties: neem de gedachtes over jouw ouderschap vanaf nu waar, kijk ernaar van een afstandje, lach jezelf uit (‘Wat een gekke gedachte’), zeg tegen je spiegelbeeld ‘Ik ben een goede ouder’ (of vraag het iemand op wiens mening je vertrouwt om het af en toe tegen je te zeggen), koop een mok ‘Beste ouder ooit’ om je eerste koffie of thee van de dag in in te schenken of hang een van de briefjes die je kind een keer schreef ‘voor papa en mama, omdat jullie zo leuk zijn’ pontificaal in het zicht.
Het maakt niet uit wát je doet, als je maar uit die groef van de zelftwijfel komt. Want ja, jullie hebben thuis al een probleem met de emoties die je kind tot uiting laat komen, maar dat je daarbij ook nog jezelf de schuld gaat geven, lost niets op. Integendeel, naast dat ene probleem heb jij er nu ineens twee.
Ligt het dan toch weer allemaal bij jou als ouder? Zo zou je bovenstaande wel kunnen lezen, maar zo is het niet bedoeld. Ik weet uit eigen ervaring hoe schrijnend het is en hoe wanhopig je ervan wordt als je kind niet lekker in zijn vel zit en ontploft om niets. En daar zit het echte probleem: iets zit niet in balans en daardoor raakt jouw kind uit balans.
Het helpt dan om jezelf uit de kluwen te halen van de complexiteit die het toch al is om uit te vogelen hoe de boel weer in balans komt en al je aandacht daarop te vestigen. De continu terugkerende gedachte: ‘Help, het gaat niet goed met mijn kind’ put jou sowieso allang uit, ook zonder het oordeel dat je over je eigen ouderschap hebt.
Deel je ervaringen. Je bent niet de enige die hiermee worstelt.
We praten over het algemeen veel over het gedrag en de emoties van onze kinderen, maar wat minder over hoe we daar zelf mee om kunnen gaan. Wat het met óns doet. Wat het allemaal van óns vraagt. Wanneer heb jij voor het laatst tegen jezelf gezegd: ‘Het ís ook heftig allemaal, en ik kan er soms ook nog eens niets aan doen’?
Daarom bespreek ik dit juist wel veel met IQ145+ ouders, probeer ik het ’taboe’ eraf te krijgen:
- Ja, je kind ontploft (soms, of veel te vaak) en je gezin raakt daardoor steeds meer van het padje.
- En ja, jij bent nog steeds een goede ouder en doet wat je kunt.
Want ik geloof er heilig in: weten dat je niet de enige bent die worstelt met intense emoties in het gezin én zelftwijfel over of je wel een goede ouder bent, lost feitelijk gezien niets op, maar het maakt de last wél lichter. En dat is mooi meegenomen, want elk sprankje energie dat je overhoudt, heb je sowieso al keihard nodig in deze situatie.
Voor mij helpt het telkens weer als ik andere ouders hierover spreek en ervaringen uitwissel. Ook ik denk bij vlagen nog steeds: ‘Zie je wel, ik ben tóch een slechte ouder’. Maar ik weet inmiddels ook dat die gedachte volslagen absurd is, mij niet helpt (en mijn kinderen ook niet) én dat ik niet de enige ben. En dat is ongelooflijk prettig.
Dus bij dezen: jij bent niet de enige die hiermee dealt. En nee, je bent geen slechte ouder. Sterker nog, je bent een heel goede ouder!
